Zoek de lerarenkamer

“Ja die plattegronden, daar begrijp ik weinig van. Ik heb er tijden naar staan turen op zoek naar de lerarenkamer, maar ik heb hem nergens kunnen ontdekken.” Mijn moeder krijgt een nieuwe werkplek binnen het Onderwijspark Ezinge. Ze is eerstegraads docent Engels aan de middelbare school Stad & Esch in Meppel.

atelier pro 02

Trots toont ze mij een folder die begint met heel veel ‘we’ – voor het draagvlak – en aantrekkelijke ambities: ‘Bij Stad & Esch werken we samen aan een grote droom: we maken de plek waar ontdekken en leren als vanzelf gaat.’ ‘We zijn een scholengemeenschap waar de passie vanaf spat.’ ‘De ideeën over een ideale school zitten in ons hoofd en in ons hart. Ze worden zichtbaar in de manier waarop we werken.’

Vervolgens wordt het ontwerp van Atelier Pro toegelicht. Het bureau heeft de dromen en de idealen vertaald in een gebouw. Vrolijke renders van fijne ruimtes met veel leerlingen, waarvan eentje werkt aan een replica van de Rietveldstoel en een ander een maquette omhoog houdt – architectengrapjes, gotta love them.

“Waar kom jij nou te zitten?”, vraag ik mijn moeder. Ze kijkt me wat glazig aan. Ze vindt het lastig om wijs te worden uit plattegronden. Wat ze wel heeft begrepen, is dat de school geheel gedigitaliseerd is – alle leerlingen hebben een MacBook Pro (!) – en dat er in het nieuwe gebouw dus geen ruimte is voor haar twee bomvolle boekenkasten.

atelier pro 03

Een vooruitstrevend concept. Maar hoe moet ze lesgeven wanneer het netwerk het laat afweten en het digitale lesmateriaal niet te raadplegen is? Projectarchitecten Dorte Kristensen en Christina Kaiser hebben in ieder geval rekening gehouden met het feit dat onderwijsconcepten om de zoveel jaar veranderen door de ruimtes aanpasbaar te maken.

Een goed gebouw bestaat immers langer dan een onderwijsconcept.

Dorte en Christina lichten in dit filmpje hun ontwerp toe:

Dans, Architectuur en Fotografie

Een hele mooi combi: dans, architectuur en fotografie. Tijdens het paasweekend te beleven in Hoorn tijdens het Festival Op Roet 2013. Je kunt kiezen uit 3  routes: Zout, Brak en Zoet. Ze leiden je op 1, 2 en 3 maart langs vier of vijf locaties.

De vijfde locatie van Zoet is een architectonische en dynamische waterinstallatie ontworpen door architect Jos Halfweeg,  waarvoor en waarmee Nanska van der Laar een dans heeft gemaakt. “De dans beweegt de installatie en de installatie beweegt de dans”, lees ik in de folder. Een film van fotograaf Katja Effting is onderdeel van de voorstelling.

Foto: Katja Effting

Foto: Katja Effting

Dit Festival wordt georganiseerd door Stichting Roet die als doel heeft cultureel erfgoed zichtbaar te maken door verhalen-, kunst- en theaterprojecten. Een schitterend uitgangspunt.

Dus mocht je niet worden geclaimed door (klein) kinderen of neefjes en nichtjes die samen eieren willen verven en zoeken, dan is dit wellicht leuk! En stuur mij een foto, want ik loop dan middenin het groen, ver van Hoorn, paaseieren te verstoppen. Ook heel leuk.

Spullen waar je blij van wordt

Heel summier of geen aandacht voor (interieur)architectuur en stedenbouw in de Volkskrant en NRC van dit weekend. Wel publiceren beide kranten relatief veel over ‘spullen waar je blij van wordt’, oftewel design. Het lijkt alsof het een soort hebberigheid moet oproepen. En ik maar denken dat consumeren heel 2006 was… Ook kijken beide kranten elke week even binnen in een veel te vette woning, vol met van die spullen waar je blij – en jaloers – van wordt.

foto-2

Bijna alle artikelen over design staan in de bijlages: NRC LUX en Volkskrant Magazine. De NRC LUX begint met even binnenkijken. Dit keer een van de zes(!) verdiepingen van twee kunstenaars. Vervolgens staan op pagina 13 drie meubelstukken met het ‘goedkope’ krat als basiselement onder het kopje ‘SUPERDELUXE’ (geinig). Tenslotte bespreekt Arjen Ribbens op pagina 15, de designpagina, bijzondere sieraden van Terhi Tolvanen.

Volkskrant Magazine lijkt design als uitgangspunt te hebben, zo vol staat het ermee. Pagina 7 heeft als kop ‘MOOI’ en onderkop – echt waar – ‘spullen en advies waar je blij van wordt’. In dit geval schaart de redactie onder MOOI een langzaam uiteenvallende rieten bank, ontworpen door Steven Banken (it’s all in the name).

Even de pagina omslaan en design criticus Jeroen Junte wijst je – op een niet al te kritische wijze – op nog meer spullen waar je blij van wordt. Vervolgens besteedt Bob Witman aandacht aan de honderdste verjaardag van Pastoe, fabrikant van heel veel van dergelijke spullen. Een oud schoolgebouw omgebouwd tot woning (mooie opgave) is van binnen bekeken.

In de krant zelf staat het eerste stukje dat ik tegenkom over architectuur (jeuj!): een verhaaltje over de Sint Antonius van Paduakerk in Brussel, ontworpen door Pierre Cuypers. Het staat echter op de voorpagina van het katern Reizen in plaats van het (niet bestaande) katern Erfgoed, wat pas echt vernieuwend en interessant zou zijn. In het katern Boeken krijgt interieurarchitectuur (nog een keer jeuj!) aandacht in een recensie van het boek ‘In weelde baden – De badkamer in het Nederlandse interieur’. Marc van der Eerenbeemt geeft auteur Natasja Hogen zelfs vier sterren voor het boek.

foto-3

Deze korte inventarisatie maakt mij een beetje droevig. In ons dagelijks leven worden we talloze malen geconfronteerd met architectuur en stedenbouw. Denk maar aan alle kamers, gebouwen, straten, pleinen, groenstroken, bruggen, buurten, wijken en steden die we gebruiken, doorkruizen en passeren. Ze vormen een essentieel onderdeel van ons leven.

Maar waarom worden ze dan toch zo weinig bediscussieerd en toegelicht in de krant?

Misschien omdat het lang niet altijd ‘spullen’ zijn waar je blij van wordt.

Villa als vitrine

Nog opzoek naar een bijzondere locatie voor een fotoshoot? Villa Van Esch in Tilburg, ontworpen door Jacq. de Brouwer, leent zich hier perfect voor. Zo was de woning het decor voor een modereportage in januarinummer van de MarieClaire.

Deze foto vond ik op de twitteraccount van Bedaux de Brouwer.

Deze foto vond ik op de twitteraccount @bedauxdebrouwer

De woning ligt verzonken in het maaiveld dat is opgehoogd aan de voorkant. De groene tuin lijkt er doorheen te golven. Alles boven het maaiveld is van staal en glas, behalve de betonnen noordgevel. Een decor dat ondanks alle spiegelingen en doorkijken zich als een vitrine charmant op de achtergrond begeeft en zo alle aandacht vestigt op de objecten en personen erin.

Het huis als decor voor de groene patio

In het midden van het huis trekt een groene patio alle aandacht. Deze foto maakte ik tijdens een bezoek bijna 2 jaar geleden.

Quist door Zwarts

Een van mijn favoriete architectuurfotografen is Kim Zwarts. Zijn foto’s zijn sferisch en stillistisch. Ze vertellen een eigen verhaal. Zwarts laat architectuur door zijn camera op een unieke – mensloze – manier zien. Gebouwen als stillevens. Misschien niet meer van deze tijd waarin het gebruik voorop staat, maar daardoor niet minder mooi.

Hij heeft al het werk van Wim Quist van 1988 tot 2012 gefotografeerd. Zo verstild in schoonheid waren Quists gebouwen nog nooit.

kim zwarts 02

Kröller Müller Museum, Otterlo, 1999

Kijkdoos naar het IJ

Uitzicht op het IJ @EYE

Uitzicht op het IJ? Ik zie vooral het plafond met de sprinklerinstallatie. Er hangen ook lampen – behoorlijk coole zelfs.

Ik ben eindelijk in het Eye Film Instituut in Amsterdam. Het idee achter het ontwerp van Delugan Meissl Associated Architects was vast: laten we de blik van bezoekers richten. Als een soort van kijkdoos. Uitwerking: plafond met uitgebreide sprinklerinstalltie in het zicht.

In dit geval sta ik liever in het Bimhuis te genieten van het IJ. Delugan Meissl vindt dat een raar gebouw. Dat verklaart een hoop.

Ruimtevaartschip in Niterói

Niemeyer Niteroi

Museum voor Moderne Kunst in Niterói, Rio de Janeiro, Brazilië. Januari 2012.

Als een geland sciencefiction ruimtevaartschip staat het Museum voor Moderne Kunst op een klif in Niterói, Brazilië. Lange hellingen leiden je naar de entree.

Niemeyer Niteroi 02
Het gerucht dat de architect Oscar Niemeyer van Braziliaanse vrouwen met hun mooie curves houdt, wordt door zijn architectuur beaamd. Hij mag dan wel een aanhanger van het functionalisme zijn, maar met de blokkerigheid die daar vaak mee gepaard gaat, heeft hij helemaal niets. Zijn toepassing van gewapend beton is rond en zacht.

Niemeyer Niteroi 03
Ook van binnen doet het museum denken aan een ruimtevaartschip.

Image
Voor de kunst hoef je er overigens niet naartoe, die valt wat tegen. Tenminste toen ik er was. Maar de architectuur is sensationeel: helder, fris en aaibaar. Dergelijke verfijnde sculpturen zullen de komende tijd maar mondjes maat verreizen. En ondanks de broodnodige bezinning en herpositionering binnen de vakgemeenschap is dat ook wel weer heel jammer.

Nieuwe generatie

Hoe positioneer je jezelf als jonge architect? Überhaupt een lastige vraag, maar nu het werk niet voor het oprapen ligt en de wereld van de architectuur verandert, biedt het nog wat extra food for thought. Een volgende vraag is: hoe communiceer je dit met de buitenwereld?

Interessant is in dit kader het jonge architectenbureau denieuwegeneratie. De naam zegt het al: het bureau gaat het anders doen dan de Superdutch generatie. Een niet onbelangrijke representant van die generatie, Winy Maas van MVRDV, juigt dit alleen maar toe getuige een interview op design boom:

“There are two things that I hope that the next generation will do. And that is be fully curious, and that they kill us immediately–by being critical, and provide reasons for that, as we have tried for the generation before us.”

Hans Ibelings zet op zijn site the architecture observer echter vraagtekens bij de naam van het bureau: “But why do talented architects intent on making their mark opt for a name that is no better than the punch line of a mediocre marketing campaign.”

Daarnaast ziet hij ook een gevaar in het kiezen voor een dergelijke naam: ” […] in labelling yourself the new generation, you can be absolutely certain of one thing: that before long you will be overtaken by the next cohort.”

Tja… natuurlijk komt er weer een volgende generatie architecten en die doet het weer heel anders. Maar is juist nu niet gewoon heel slim om je naam in te zetten als marketinginstrument? Veel architecten – met name van de vorige generatie – zijn vies van marketing en PR, maar is het niet een slimme overlevingsstrategie?

Kijk maar naar Bjarke Ingles van BIG, een wandelende marketingmachine met zijn entertainende lezingen, aansprekende concepten van puffende elektriciteitscentrales en gelikte renders met blauwe luchten.

Bruder-Klaus-kapel

Bruder-Klaus-kapel in Wachendorf (D) door Peter Zumthor. Oktober 2011

Een klein gebouwtje in het open veld. Worth the detour.

Hoe de wolken zich op miraculeuze wijze vormden naar de kapel, maakte het bezoekje extra bijzonder. Bovenaardse krachten?

Nu even niet: het Drents Museum

Het door Erick van Egeraat verbouwde Drents Museum Assen is werkelijk waar schitterend en zeker een bezoek waard. Alleen wat mij betreft: nu even niet….

Dit ‘even’ duurt helaas best wel lang. Want de nu lopende Vikingen tentoonstelling bezet nog tot en met eind oktober de nieuwe tentoonstellingszaal. Bepaalde tentoongestelde objecten verdragen geen daglicht. Daarom zijn alle ramen geblindeerd.

En nu is het zo dat het plafond van de zaal, bestaande uit vier verschillende gekromde schalen met daartussen stroken glas, zorgt voor een buitengewone ruimtelijke beleving – tenminste wanneer de gordijnen omhoog zijn. Niet alleen het steeds veranderende lichtspel door het invallende daglicht draagt hieraan bij, maar ook het contact met buiten. Boven op het golvende dak bevindt zich een openbare tuin die de expressieve hand van de meester verraadt.

Dus wanneer je plant om naar Assen af te reizen, dan zou ik dat na de herfstvakantie doen. Of je moet natuurlijk heel erg van Vikingen houden… Dan zou ik twee keer gaan.

drents museum

Tijdens de openingstentoonstelling ‘Gouden eeuw van China’ waren kubussen in de ruimte geplaatst. Hierdoor kon het invallende daglicht kwetsbare objecten niet bereiken. Foto: JAV STUDIO’s Assen